masseren
werkwoord werkwoord masseren masseren vervoegen. vervoegen.
wij zullen gemasseerd hebben. jullie zullen gemasseerd hebben. zij zullen gemasseerd hebben. Onvoltooid verleden toekomende tijd ovtt. ik zou masseren. jij zou masseren. hij zou masseren. wij zouden masseren. jullie zouden masseren. zij zouden masseren. Voltooid verleden toekomende tijd vvtt.
Massage.
Hierdoor krijgen ze zij het in een veel te beperkte mate en in een foute lichaamshouding wisselhouding. Wanneer verpleegkundigen menen aan decubituspreventie te doen wanneer ze in het bijzonder risicopatinten masseren, doen ze daar eigenlijk meer schade mee dan goed.

Contacteer ons